EN  |  FR

Nieuwe richtlijnen goede voeding

afbeelding bij Nieuwe richtlijnen goede voeding

Op 18 december 2006 bracht de Gezondheidsraad een rapport uit met de titel: “Richtlijnen goede voeding 2006“. Naast aanbevelingen voor de voeding wordt er nu ook een richtlijn voor bewegen gegeven. Verder is er aandacht voor voedingscholesterol, groente en fruit, alcoholgebruik, gebitsgezondheid, zoutgebruik en vocht.

Lichamelijke beweging

Tot nu toe werd geadviseerd om 30 minuten matige inspanning op 5 dagen per week te verrichten. Het beweegadvies wordt nu uitgebreid om het risico op chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk en diabetes mellitus (type 2) te verkleinen. De norm wordt nu vastgesteld op 60 minuten inspannende activiteit per dag. Als je inactief bent kun je al gezondheidswinst boeken door 30 minuten per dag te bewegen.

Vis en visolievetzuren

De norm voor inname van visvetzuren is gesteld op 200 mg per dag, oftewel één portie vette vis per week. Hierbij geldt dat gekookte, gestoomde en gebakken vissoorten beter zijn dan gefrituurde vis. Je kunt ook visvetzuren innemen door visoliepreparaten te gebruiken, maar dan mis je wel alle andere voedingsstoffen uit de vis, zoals eiwitten, mineralen als ijzer en jodium en vitamines.
Als je geen vis lust kun je ook andere voedingsmiddelen gebruiken die verrijkt zijn met visolie, zoals sommige halvarines, margarines en vloeibare bak- en braadvetten.

Voedingscholesterol

Tot nu toe luidde het advies om niet meer cholesterol te gebruiken dan 33 mg/MJ, ofwel vertaald naar de praktijk: beperk het gebruik van cholesterolrijke voedingsmiddelen zoals orgaanvlees, schaal- en schelpdieren en eieren (niet vaker dan 2 à 3 keer per week). Omdat de gemiddelde cholesterolinname in Nederland sinds 1987 en 1992 lijkt af te nemen, wordt het niet nodig gevonden om dit advies te veranderen.

Mono- en disachariden

Als er een voeding met een hoge voedingswaarde gebruikt wordt in combinatie met voldoende beweging is er ook plaats in het dagmenu voor producten met toegevoegde suikers (snoep, koek en gebak), zonder dat dit hoeft te leiden tot gewichtstoename.
Suikerhoudende frisdranken dragen nauwelijks bij aan verzadiging, maar zorgen ongemerkt voor extra toevoer van calorieën waardoor er overgewicht kan ontstaan.

Gebitsgezondheid

Om tandcariës en tanderosie te voorkomen wordt aangeraden om niet vaker dan 7 keer per dag te eten, zodat het aantal zuuraanvallen door het eten van vergistbare suikers op het gebit wordt beperkt.
Ter voorkoming van tanderosie wordt verder afgeraden om fruit door vruchtensappen als appelsap en citrusvruchten te vervangen. Ook het gebruik van zure frisdranken blijkt een belangrijke risicofactor voor tanderosie. Daarom zou de frisdrankindustrie de hoeveelheid zuur in frisdranken moeten verlagen om tanderosie te beperkten.

Groente en fruit

Groente en fruit leveren verscheidene vitamines en mineralen en zijn rijk aan voedingsvezel. Ze hebben een hoge voedingsstoffendichtheid maar leveren weinig calorieën. Groente en fruit kunnen een rol kunnen spelen bij het voorkomen van hart- en vaatziekten en een aantal vormen van kanker.
De optimale aanbeveling voor volwassenen wordt op 200 g groente en 200 g fruit per dag gesteld, waarbij geldt dat groente en fruit niet uitwisselbaar zijn.

Matig alcoholgebruik

Matig alcoholgebruik draagt bij aan het verlagen van het risico op hart en vaatziekten. Dit blijkt vooral te gelden voor volwassenen ouder dan 40 jaar. De maximale afname van het sterfterisico voor vrouwen wordt bereikt bij een dagelijkse inname van 1 glas en voor mannen bij dagelijks gebruik van 2 glazen.
Bij jongeren en jong volwassenen is matig alcoholgebruik geassocieerd met een (licht) verhoogd sterfterisico door verkeersongelukken en agressief gedrag.

Natrium

Er wordt aangeraden om niet meer dan 6 g keukenzout per dag te gebruiken. Het (overmatig) gebruik van keukenzout kan bijdragen aan een hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten en een grotere kans op een beroerte.

Vochtbehoefte

Door de invloed van de omgevingstemperatuur, het activiteitenpatroon en de persoonlijke niercapaciteit voor het afvoeren van elektrolyten is het niet mogelijk om een algemeen geldende norm voor vochtbehoefte op te stellen. Voor risicogroepen, zoals jonge kinderen en ouderen zal er daarom vanwege praktische redenen uitgegaan worden van een gemiddelde vochtinname als indicatie.

Praktische adviezen

Het Voedingscentrum gaat in de komende maanden al deze nieuwe richtlijnen van de Gezondheidsraad vertalen in praktische adviezen voor de consument. Zo zal de Schijf van Vijf worden herzien. Ook zullen er nieuwe aanbevolen dagelijkse hoeveelheden voedingsmiddelen komen. De verwachting is dat deze vertaling halverwege 2007 gereed is.

Het gehele rapport “Nieuwe richtlijnen goede voeding 2006” is hier te downloaden.

Dossier: